Wijn op de juiste temperatuur bewaren
Wijnen kunnen optimaal bij een temperatuur tussen 6 en 18 °C worden bewaard. Wilt u witte en rode wijnen naast elkaar opslaan, kies dan een temperatuur tussen 12 en 14 °C. Deze temperatuur is geschikt voor witte en rode wijnen. Rode wijnen moeten minstens 2 uur voor het drinken uit de wijnklimaatkast worden gehaald en geopend, zodat de wijn zuurstof krijgt en zijn aroma kan ontwikkelen.
Bij een opslagtemperatuur van boven de 22 °C rijpen wijnen te snel, zodat aroma's zich niet verder kunnen ontwikkelen. Bij een lage opslagtemperatuur (lager dan 5 °C) daarentegen kunnen ze niet optimaal rijpen.
Bij warmte zet wijn uit en bij koude trekt wijn samen. Temperatuurschommelingen zijn niet goed voor wijn en verstoren het rijpingsproces. Daarom is het heel belangrijk om ervoor te zorgen dat de temperatuur in het toestel vrijwel constant blijft.
Met Miele wijnklimaatkasten met 2 of 3 wijnklimaatzones kun je gemakkelijk verschillende soorten wijn tegelijk bewaren.
Dit is mogelijk door de vaste isolatieplaat die de binnenruimte in 2 of 3 zones verdeelt, waarvoor u verschillende temperaturen kunt instellen.